Liturgie

Liturgie 03 mei 2026 

Liturgie 03 mei 2026

Inloop vanaf 10:30 uur 
Aanvangstijd: 11:00 uur 
Voorganger: dhr. H. Wubs uit Grijpskerk
Oppas (Trea) en kindernevendienst (Melinda)
Koffie verzorgd door: Grietje / Margit
Organist: Piet van Zuiden


Welkomstlied: Liedboek 885, Groot is U trouw of Heer

1       Groot is uw trouw, o Heer, mijn God en Vader.

Er is geen schaduw van omkeer bij U.

Ben ik ontrouw, Gij blijft immer dezelfde,

die Gij steeds waart; dat bewijst Gij ook nu.

Groot is uw trouw o Heer, groot is uw trouw o Heer,

iedere morgen aan mij weer betoond.

Al wat ik nodig had, hebt Gij gegegen.

Groot is uw trouw, o Heer, aan mij betoond.

 

2       Gij geeft ons vrede, ververgeving van zonden,

en uw nabijheid, die sterkt en die leidt;

kracht voor vandaag, blijde hoop voor de toekomst.

Gij geeft het leven tot in eeuwigheid.

Groot is uw trouw o Heer, groot is uw trouw o Heer,

iedere morgen aan mij weer betoond.

Al wat ik nodig had, hebt Gij gegegen.

Groot is uw trouw, o Heer, aan mij betoond.

 

Welkom

 

Stil gebed en Votum en Groet

 

Zingen 912: 1 t/m 4, Neem Liedboek mijn leven

1       Mijn leven, laat het, Heer,

toegewijd zijn aan uw eer.

Maak mijn uren en mijn tijd

tot uw lof en dienst bereid.

 

2       Neem mijn handen, maak ze sterk,

trouw en vaardig tot uw werk.

Maak dat ik mijn voeten zet

op de wegen van uw wet.

 

3       Neem mijn stem, opdat mijn lied

U, mijn Koning, hulde biedt.

Maak, o Heer', mijn lippen rein,

dat zij Uw getuigen zijn.

 

4       Neem mijn zilver en mijn goud,

dat ik niets aan U onthoud.

Maak mijn kracht en mijn verstand

tot een werktuig in Uw hand.

 

Kindermoment

 

Inleiding op het thema: Gods Stem horen

 

Bidden

 

Lezen 1 Samuël 3: 1 – 18
Samuel geroepen

1 De jonge Samuel diende dus de HEER, onder de hoede van Eli. Er klonken in die tijd zelden woorden van de HEER en er braken geen visioenen door. 2 Op zekere nacht lag Eli op zijn slaapplaats. Zijn ogen waren dof geworden, hij kon bijna niet meer zien. 3 Samuel lag te slapen in het heiligdom van de HEER, bij de ark van God. De godslamp was nog niet gedoofd. 4 Toen riep de HEER Samuel. ‘Ja, hier ben ik,’ antwoordde Samuel. 5 Hij liep snel naar Eli toe en zei: ‘Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?’ Maar Eli antwoordde: ‘Ik heb je niet geroepen. Ga maar slapen.’ Toen Samuel weer lag te slapen, 6 riep de HEER hem opnieuw. Samuel stond op, ging naar Eli en zei: ‘Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?’ Maar Eli antwoordde: ‘Ik heb je niet geroepen, mijn jongen. Ga maar weer slapen.’ 7 Samuel had de HEER nog niet leren kennen, want de HEER had zich niet eerder aan hem bekendgemaakt door het woord tot hem te richten. 8 Opnieuw riep de HEER Samuel, voor de derde keer. Samuel stond op, ging naar Eli en zei: ‘Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?’ Toen begreep Eli dat het de HEER was die de jongen riep. 9 Hij zei tegen Samuel: ‘Ga maar weer slapen. Wanneer je wordt geroepen, moet je antwoorden: “Spreek, HEER, uw dienaar luistert.”’ Samuel legde zich weer te slapen, 10 en de HEER kwam bij hem staan en riep net als de voorgaande keren: ‘Samuel! Samuel!’ En Samuel antwoordde: ‘Spreek, uw dienaar luistert.’ 11 Toen zei de HEER tegen Samuel: ‘Let op! Ik ga in Israël iets doen waarvan ieder zo zal ophoren dat zijn beide oren tuiten! 12 Als die dag aanbreekt zal Ik alles, maar dan ook alles ten uitvoer brengen wat Ik Eli en zijn familie heb voorzegd. 13 Ik heb hem aangekondigd dat Ik onherroepelijk het vonnis over zijn familie zou voltrekken vanwege zijn wandaad: hoewel hij wist dat zijn zonen God lasterden, heeft hij hen niet terechtgewezen. 14 Daarom heb Ik Eli’s familie gezworen dat geen graan- of vredeoffer ooit hun schuld zal kunnen inlossen.’

15 Samuel bleef tot de ochtend liggen en opende toen de deuren van het heiligdom van de HEER. Hij zag ertegen op om Eli te vertellen wat hij in het visioen had gehoord. 16 Maar Eli riep hem bij zich: ‘Samuel, mijn jongen, kom eens hier!’ ‘Hier ben ik,’ antwoordde Samuel, 17 en Eli vroeg: ‘Wat heeft Hij tegen je gezegd? Probeer het niet voor me te verbergen. God mag met je doen wat Hij wil, als je ook maar iets achterhoudt van wat Hij tegen je heeft gezegd!’ 18 Zonder iets achter te houden vertelde Samuel hem alles wat God had gezegd, en Eli zei: ‘Hij is de HEER. Laat Hij doen wat Hij het beste vindt.’

 

Zingen liedboek 936: 1, 2 en 3. Luister naar de wind

1       Luister naar de wind

die een lied van liefde zingt

Kom zoals je bent

met je treurend hart mijn kind

En Ik zal jou verlossen

dat je vrede vindt

 

2       Houd je vast aan mij

als je eenzaam bent en klein

En wees niet bezorgd

Ik zal altijd bij je zijn

Ik geef je overwinning

over dood en pijn

 

3       Jezus U bent Heer

en ik ben uw zwakke kind

Maar U geeft mij kracht

als de vijand mij weer vindt

O bron van eeuwig leven

U die mij bemint

 

Preek

 

Opwekking 717: Stil mijn ziel, wees stil Opwekking 717

Dankgebed

 

Slotlied: Liedboek 575, Jezus, leven van ons leven: 1 en 6

Jezus, leven van ons leven,

Jezus, dood van onze dood,

Gij hebt U voor ons gegeven,

Gij neemt op U angst en nood,

Gij moet sterven aan uw lijden

om ons leven te bevrijden.

Duizend, duizendmaal, o Heer,

zij U daarvoor dank en eer.

 

Dank zij U o Heer des levens,

die de dood zijt doorgegaan,

die Uzelf ons hebt gegeven

ons in alles bijgestaan,

dank voor wat Gij hebt geleden,

in uw kruis is onze vrede.

Voor uw angst en diepe pijn

wil ik eeuwig dankbaar zijn.

 

Zegen

terug