Liturgie
Liturgie 2 augustus 2026
Liturgie zondag 2 augustus 2026
Inloop vanaf 10:30 uur
Aanvangstijd: 11:00 uur
Voorganger: Da. J. de Blois uit Bussum
Oppas (Anje)
Koffie verzorgd door: familie Douwtsje en Kees van der Slijk
Organist: Piet van Zuiden
Welkom en mededelingen Ouderling van Dienst
Intochtslied Psalm 107: 1,3
Gods goedheid houdt ons staande
zolang de wereld staat !
Houdt dan de lofzang gaande
voor God die leven laat.
Al wie, door Hem bevrijd
uit ongastvrije streken,
naar huis werd heengeleid,
zal van zijn liefde spreken.
Zij moeten God aanbidden,
rondom zijn altaar staan,
omdat Hij in hun midden
zijn wonder heeft gedaan:
maaltijd en lafenis
meer dan zij durfden dromen;
de last van hun gemis
heeft Hij hun afgenomen.
Bemoediging en groet
Moment van stilte en inkeer voor Gods aangezicht
Lied 280:1,5,6
1 De vreugde voert ons naar dit huis
waar 't woord aan ons geschiedt.
God roept zijn naam over ons uit
en wekt in ons het lied.
5 Onthul ons dan uw aangezicht,
uw naam, die mét ons gaat
en heilig ons hier met uw licht,
uw voorbedachte raad.
6 Vervul ons met een nieuw verstaan
van 't woord, waarin Gij spreekt
en reik ons zelf als leeftocht aan
het brood, dat Gij ons breekt.
Kyriegebed
Glorialied 103c:1,2,3
1 Loof de Koning, heel mijn wezen,
gij bestaat in zijn geduld,
want uw leven is genezen
en vergeven is uw schuld.
Loof de Koning, loof de Koning,
tot gij Hem ontmoeten zult.
2 Loof Hem als uw vaad'ren deden,
eigent u zijn liefde toe,
want Hij bergt u in zijn vrede,
zegenend wordt Hij niet moe.
Loof uw Vader, loof uw Vader,
tot uw laatste adem toe.
3 Ja, Hij spaart ons en Hij redt ons,
Hij kent onze broze kracht.
Hij bewaart ons, Hij ontzet ons
van de boze en zijn macht.
Loof uw Heiland, loof uw Heiland,
die het licht is in de nacht.
Lezing van de wet
Gebed van de zondag
Aandacht voor de kinderen
Schriftlezing Romeinen 8:31-39
31 Wat moeten wij hier verder over zeggen? Als God voor ons is, wie kan dan tegen ons zijn? 32 Zal Hij, die zijn eigen Zoon niet heeft gespaard, maar Hem omwille van ons allen heeft prijsgegeven, ons dan met Hem ook niet alles schenken? 33 Wie zal Gods uitverkorenen aanklagen? God zelf spreekt hen vrij. 34 Wie zal hen veroordelen? Christus Jezus, die gestorven is, meer nog, die is opgewekt, zit aan de rechterhand van God en pleit voor ons. 35 Wat zal ons scheiden van de liefde van Christus? Tegenspoed, ellende of vervolging, honger of armoede, gevaar of het zwaard? 36 Er staat geschreven: ‘Om U worden wij dag na dag gedood en afgevoerd als schapen voor de slacht.’ 37 Maar wij zegevieren in dit alles glansrijk dankzij Hem die ons zijn liefde heeft bewezen. 38 Ik ben ervan overtuigd dat dood noch leven, engelen noch machten noch krachten, heden noch toekomst, 39 hoogte noch diepte, of wat er ook maar in de schepping is, ons zal kunnen scheiden van de liefde van God, die Hij ons bewezen heeft in Christus Jezus, onze Heer.
Lied Ik zal er zijn.
Evangelielezing Mattheus 14: 13-21
Overvloed aan brood, gebrek aan geloof
13 Toen Jezus hiervan hoorde, week Hij per boot uit naar een afgelegen plaats waar Hij alleen kon zijn. Maar de mensen kwamen het te weten, en vanuit de steden volgden ze Hem over land. 14 Toen Hij uit de boot stapte en de grote menigte zag, voelde Hij medelijden met hen en Hij genas hun zieken.
15 Bij het vallen van de avond kwamen de leerlingen naar Hem toe en zeiden: ‘Dit is een afgelegen plaats en het is al laat. Stuur de mensen weg, laat ze naar de dorpen gaan om eten voor zichzelf te kopen.’ 16 Maar Jezus zei: ‘Ze hoeven niet weg, geven jullie hun maar te eten.’ 17 Ze antwoordden Hem: ‘We hebben hier niets, alleen vijf broden en twee vissen.’ 18 Hij zei: ‘Breng ze Mij.’ 19 En nadat Hij de mensen opdracht had gegeven op het gras te gaan zitten, nam Hij de vijf broden en de twee vissen, keek omhoog naar de hemel, sprak het zegengebed uit en brak de broden; Hij gaf ze aan de leerlingen, en de leerlingen gaven ze door aan de mensen. 20 Iedereen at en werd verzadigd, en toen ze de stukken brood die over waren ophaalden, hadden ze twaalf manden vol. 21 Er hadden ongeveer vijfduizend mannen gegeten, vrouwen en kinderen niet meegeteld.
Lied 440:3,4
3 Weest onbezorgd, gij armen,
aan kinderen gelijk;
in koninklijk erbarmen
maakt God u groot en rijk.
Hij die het veld bekleedt,
de vogelen kan spijzen,
wil ook zijn kind bewijzen
dat Hij zijn noden weet.
4 Gij schenkt met volle handen,
die Zelf de armoe draagt.
Gij maakt Uzelf te schande,
die steeds naar zondaars vraagt.
Wij willen, groot en klein,
die 't al van U ontvingen,
U ons hosanna zingen
en eeuwig dankbaar zijn.
Uitleg en verkondiging
Orgelspel
Lied Maak ons hart onrustig God
Als inleiding op de gebeden zingen we lied 598
Als alles duister is, ontsteek dan een lichtend vuur,
dat nooit meer dooft, vuur dat nooit meer dooft.
Als alles duister is, ontsteek dan een lichtend vuur,
dat nooit meer dooft, vuur dat nooit meer dooft.
Dankgebed en voorbeden
...stil gebed...
…gezamenlijk ‘onze Vader’…
Slotlied 791:1,3,6
Liefde, eenmaal uitgesproken
als uw woord van het begin,
liefde, wil ons overkomen
als geheim en zegening.
Liefde luidt de naam der namen
waarmee Gij U kennen laat.
Liefde vraagt om ja en amen,
ziel en zinnen metterdaad.
Liefde boven alle liefde,
die zich als de hemel welft
over ons: wil ons genezen,
bron van liefde, liefde zelf!
Zending en zegen
…gezongen Amen…
